Willemsoord2015-02-02T19:39:07+00:00

DE GESCHIEDENIS VAN WILLEMSOORD

KOLONIE III MAATSCHAPPIJ VAN WELDADIGHEID

De Maatschappij van Weldadigheid

Het is 1818. Het gaat niet goed met het Koninkrijk der Nederlanden (toen Nederland, Belgie en Luxemburg) en de armoede is vooral in de steden enorm. Daarom richt een groep mensen uit betere kringen onder leiding van Johannes van den Bosch een organisatie op om de armoede grondig aan te pakken. Ze noemden zichzelf de Maatschappij van Weldadigheid.

De maatschappij wil de paupers uit de steden een nieuwe kans bieden, ze leren om in een normaal, gedisciplineerd en eerlijk arbeidersbestaan een mooi leven op te bouwen. Door eerst met elkaar een stuk woest en onvruchtbaar stuk land te ontginnen en daar vervolgens als boer op te werken.

EEN KONINKLIJKE NAAM

Het budget voor dit ambitieuze plan werd bij elkaar gebracht op een manier die tegenwoordig niet zo misstaan via crowdfunding. Ongeveer 22.000 mensen werden lid van de Maatschappij en betaalden een contributie van een stuiver per week. Het Huis van Oranje was zeer geïnteresseerd in de plannen. De kroonprins van Oranje, de latere Koning Willem II, gaf Willemsoord zijn naam. Willem betaalde de bouw van de school en onderwijzerswoning uit eigen zak: welgeteld 1.400 gulden voor de realisatie van beide gebouwen.Al binnen enkele maanden werden de eerste gronden aangekocht in Overijssel en Drenthe en werd begonnen met de aanleg van proefkolonie I, later Frederiksoord. In vlot tempo verrezen de eerste honderden koloniehuisjes en streken de behoeftige gezinnen neer. Eerst in Frederiksoord (Kolonie I) en daarna in Wilhelminaoord en Kolonie III Willemsoord.

KOLONIEHUISJES

Na hun aankomst in de kolonie kregen de armen de beschikking over een kleine woning en een perceel grond. Door het ontginnen van deze gronden zouden zij in hun onderhoud kunnen voorzien en weer een fatsoenlijk bestaan kunnen opbouwen. Naast landarbeid moest er door vrouwen en kinderen ook huisnijverheid, zoals spinnen en weven, verricht worden. De inrichting van de kolonie werd door van den Bosch zelf bedacht. De systematische ontginning van de woeste gronden resulteerde in een karakteristieke ruimtelijke structuur. Bomenlanen, rechtlijnige wegenpatronen, gelijkvormige bebouwing en kleine landbouwpercelen, maken nog steeds belangrijk deel uit van de landschappelijke karakteristiek. De bebouwing bestond uit open, enkel- of dubbelzijdige bebouwingslinten met kleine koloniehuisjes op precies 100 meter afstand van elkaar.

DE PAUPERS

De mens is “maakbaar” volgens Johannes van den Bosch en de zijnen. De combinatie van arbeid, godsdienst en onderwijs konden van de paupers eerzame hardwerkende burgers maken. Kerkbezoek was verplicht evenals het volgen van onderwijs en lidmaatschap van het “ziekenfonds”. Met het invoeren van de leerplicht, ouderenzorg en een eigen ziekenfonds liepen de koloniën een kleine honderd jaar vooruit op de rest van Nederland. Je zou kunnen zeggen de Koloniën van Weldadigheid de bakermat vormen van de verzorgingsstaat, waar Nederland wereldwijd bekend om staat. 

EEN GIGANTISCH PROJECT

Vanaf 1822 werd de Maatschappij ook actief in de opvang van landlopers en bedelaars. In Ommerschans en later ook in Veenhuizen werden enorme gestichten gebouwd. In 1822 werd ook de Maatschappij van de Zuidelijke Nederlanden (België en Luxemburg behoorden ook tot het Koninkrijk) opgericht en verrezen er in Wortel en Merksplas (nabij Antwerpen) ook twee koloniën. In 1830 werd België onafhankelijk en vielen deze koloniën niet meer onder de verantwoording van de Maatschappij. In 1859 werden de bedelaarsgestichten Veenhuizen en Ommerschans overgenomen door de rijksoverheid en omgevormd tot strafinrichtingen. Voor het gevangenispersoneel werd er een klein dorp gebouwd, om de inrichtingen heen. In 1890 werd Ommerschans gesloten. Veenhuizen is als gevangenis blijven bestaan.

UNESCO WERELDERFGOED

Wie de kolonien van Weldadigheid bezoekt ziet een twee eeuwen durende zoektocht naar hoop, sociale gelijkheid en maatschappelijke verbetering. De rechte wegen en strakke gebouwen stralen een sterke hang naar orde uit. Orde en hoop. Hoop op een betere wereld die niet voor iedereen is gekomen, maar twee eeuwen later wel is gerealiseerd. Het ontstaan van de Koloniën vormt een belangrijke fase in de evolutie van onze verzorgingsstaat. Het is een erfenis waarmee we nu leven en die we aan de toekomstige generaties willen doorgeven. Dat is de reden dat de Koloniën van Weldadigheid in aanmerking komen voor een plek op de UNESCO Werelderfgoedlijst.